Eiland van rust in de bruisende binnenstad

In: Almere | Editie:

Tekst:

In de vorige LA-editie verhaalden we uitgebreid over de ontwikkelingen rond Station Almere Centrum. Ditmaal maken we een denkbeeldige, maar bijzonder mooie lentewandeling door het park dat binnenkort aan de Stadhuispromenade verrijst.

Promenade klinkt nogal chic en ja, zo gaat het er dus ook uitzien. We krijgen de rondleiding van Eric-Jan Pleijster van LOLA Landscape Architects en Jeroen Everaert van kunstcollectief The Mothership. Zij gaven vorm aan een groot deel van het park. Zeegroen wordt het thema van de Groene Loper – de route vanaf Station naar Weerwater – dus ook van de Stadhuispromenade. Jeroen legt uit hoe het idee ontstond: ‘Ik heb hier heel veel rondgelopen en met mensen gesproken, om de ziel van het gebied te ontdekken. Wat missen de mensen, wat zouden ze willen? Het viel me op dat je nauwelijks iets terugvindt over het gegeven dat de stad op de zeebodem is gebouwd, terwijl dat juist zo buitengewoon is. De gemeente gaf aan te willen vergroenen: men wil de binnenstad veraangenamen en Almeerders meekrijgen met kunstprojecten die gaan over groen en alles wat daarbij hoort. Maar ja, dat wil elke stad. Wat Almere uniek maakt, is haar basis: zij is op de zeebodem gebouwd. Laten we die eigenschap dan ook gebruiken. Zeegroen dus, de zeegroene loper.’

Almere vs. Atlantis

Jeroen vindt dat Almere haar unieke positie zo goed mogelijk moet etaleren: ‘Iedereen kent de legende van Atlantis, de stad die door de zee werd verzwolgen. Almere is eigenlijk precies het tegenovergestelde. Atlantis ging in het water ten onder, Almere steeg er bovenuit. Daar mag je als stad waanzinnig trots op zijn. Alles wat we nu gaan brengen aan kunst, moet de overwinning op de zee als thema hebben. Glorieus, groen en zee.’ Jeroen wil kunst deel uit laten maken van het geheel, legt hij uit: ‘Niet zomaar een beeld op een sokkel zetten, maar eerst samen met de bewoners mooie dingen bedenken. Zo krijg je bezieling in het geheel. Kunst is door de jaren heen gedegradeerd tot een sokkel of een spijker aan de muur. Maar we kunnen veel meer.’

Kale plek in de stad

Eric-Jan wist al vrij snel hoe hij het project Stadhuispromenade wilde aanpakken, vertelt hij: ‘De verharding moest eruit. Dat werd dus het vertrekpunt van het ontwerpproces. Er is weliswaar tweemaal per week een markt, maar verder is het een kale, zelfs wat doodse plek in de stad. Dat is zonde. Met de ontwikkeling die Almere doormaakt en met de Floriade aan de horizon is het belangrijk om deze stad een groener karakter te geven. Voor alle steden geldt dat ze klimaat- en natuurvriendelijker moeten worden. Een stad is niet alleen voor mensen, maar ook voor de natuur. En dat bedoel ik in de breedste zin van het woord. Er moet niet alleen ruimte zijn voor planten en dieren, maar ook voor water en schaduw.’ Gelukkig ging de gemeente mee in die gedachte, herinnert Eric-Jan zich. ‘Almere kwam van de grond in een periode dat men niet of nauwelijks dacht aan klimaat en natuur in de stad. Inmiddels beseffen we hoe belangrijk die elementen zijn. Ik beschouw de Stadhuispromenade dan ook als een soort opmaat naar ‘de binnenstad van de toekomst’. Leuke bijkomstigheid is dat Almere altijd al een voorloper is geweest, dus dat sluit allemaal perfect op elkaar aan. Almere staat voor vernieuwing, experimenteren en toekomst.’

De stenen gaan we hergebruiken

Het ontwerp moest uiteraard passen binnen de stad Almere, maar vooral ook aansluiten op de behoeftes van de inwoners. En vergroening moest centraal staan: ‘Meteen was helder dat we van een marktplein moesten gaan naar een stadspark, dat deel zou uitmaken van de Groene Loper en aansluiten op de Esplanade met daarna het Weerwater. Daardoor ontstaat er een groene verbinding tussen de binnenstad en het water. Dat is fantastisch.’ Vergroening is mooi, maar ecologisch verantwoord werken evenzeer, legt Eric-Jan uit: ‘Het is tegenwoordig belangrijk om circulair te werken. Dat wil zeggen dat je het materiaal uit het gebied zo veel mogelijk hergebruikt. Het plein ligt nu vol met stenen, waar straks vooral groen komt. Die stenen gooien we niet weg. Die gebruiken we voor nieuwe paden en watergoten.’

Kan het misschien een beetje losser?

Het Stadhuisplein is behalve marktplein ook een belangrijke wandel- en loopverbinding tussen de verschillende delen van de binnenstad. Voetgangers hoeven straks niet om het park heen, verzekert Eric-Jan: ‘Als wandelaar wil je natuurlijk niet zozeer om zo’n park heen, maar er toch vooral ook dóórheen. Om van het groen te genieten of om snel naar een andere plek in de stad te lopen. Dus hebben we een loper door dat stukje natuur gemaakt. Het is een halfverharding, geen klinkers dus, maar aangestampt granulaat: je krijgt meteen al een natuurlijker gevoel als je er overheen loopt. Daar hebben we een 110 meter lange slingerbank in gemaakt.’ 

Eric-Jan vertelt dat hij bij het ontwerp uiteraard rekening hield met het publiek: ‘Samen met een bureau, BRAND, onderzochten we wat mensen verwachten. Daaruit bleek dat ze vooral uitkeken naar een plekje om even te gaan zitten, om rustig een visje van de markt te eten of een boek te lezen. Een stukje rust in de binnenstad. Verder viel op dat veel mensen op zoek zijn naar een romantisch park. Niet in de zin van een plek waar je met je geliefde heen gaat – dat kán natuurlijk wel – maar meer een gezellige plek met slingerende paden. In Almere is alles zo recht en hoekig. Mensen vroegen zich af of het nu niet wat losser kon. Die wens vullen wij in met die slingerbank en het slingerende pad. Daar omheen komt allemaal weelderige, losse beplanting, niet in rijtjes en keurig in het gelid, maar heel natuurlijk.’

Zo hoog stond hier ooit het water

Je zou denken dat de markt straks moet verkassen, maar dat is niet zo. ‘De markt blijft,’ vertelt Eric-Jan, ‘maar schuift een eindje op en dikt wat in. De markt is belangrijk, zeker in Almere, omdat hij hier erg goed draait. Er was nog ruimte om het wat in te dikken en dat werkt eigenlijk heel positief. Op een markt wil je echt tussen de kraampjes lopen. Dat gevoel hoort juist bij de sfeer. Een markt is compact.’ Wellicht het meest opmerkelijke van de Stadhuispromenade wordt een gigantische bank van 110 meter, die door het park heen slingert. ‘Heel speels, met allerlei vormen,’ zegt Eric-Jan. ‘Hij doet mij denken aan The Bean in Chicago.’ 

Jeroen legt het idee uit: ‘De slingerbank verwijst naar de bewegingen van de zee. Er komt ook een verhoging in, die aangeeft hoe hoog het zeewater ooit stond. Hij is ontworpen door LOLA, wij zorgen voor de beschildering. Jan van der Ploeg is een kunstenaar die heel goed is met kleuren. Hij heeft allerlei kleuren gekozen die bij de zee horen en die brengt hij aan op de bank, met daar overheen een spiegelende lak.’ Eric-Jan vult hem aan: ‘Daardoor wordt het een enorme eyecatcher die het heel goed zal doen op de plaatjes, zodat we hem veel en vaak op Instagram en andere social media zullen terugzien.’

Het park werkt als een soort spons voor het centrum

Van de markt naar de goot…

Behalve mooi wordt het park ook op bijzondere wijze functioneel. ‘Met die verharding komt het water bij zware regenval nu moeilijk weg, met overlast in parkeergarages tot gevolg. Dat wil je natuurlijk niet. Dus hergebruiken we de stenen voor goten die, ook ietwat slingerend, vanaf het stadhuis en de bibliotheek het park in lopen. Dan ontstaan bij harde regen in het park een paar vijvers, waar het water langzaam in de grond kan zakken. Dat is weer belangrijk voor het groen daar omheen. Zo werkt het park als een soort spons voor het centrum. Het houdt water vast als het valt en voorkomt overstromingen: een heel bijzondere feature die we beslist vaker gaan zien. Over de goten kun je trouwens gewoon wandelen, als waren ‘t zijpaden van het park.’

Je moet durven verdwalen

‘LOLA staat voor Lost Landscapes,’ licht Eric-Jan zijn bedrijfsnaam toe: ‘Wij zijn altijd op zoek naar mogelijkheden om het landschap beter en mooier te maken. Dit is een mooi voorbeeld, omdat we een stuk verharding omtoveren in een park. Stad en natuur sluiten elkaar niet uit, maar zijn met elkaar verenigbaar. ‘Lost’ in onze naam staat ook voor ‘verdwalen’. In een landschap moet daar ruimte voor zijn, vinden wij. Niet in de zin van de weg kwijtraken, maar als bijzondere ervaring. Iets om te onthouden, omdat het anders is dan anders.’ 

Loop je met kunst niet het risico dat men er omheen kijkt? Jeroen betwijfelt dat: ‘Is kunst met de hersenen gemaakt, dan heb je ook hersenen nodig om het te snappen, er verstand van te hebben. Veel mensen hebben niets met kunst. Omdat ze er niets van begrijpen. Ik probeer juist dié mensen te bereiken en dat lukt alleen met kunstenaars die niet vanuit hun hersenen, maar vanuit hun kloppende hart creëren. Een stalen paal met een krul erin?  Dat werkt niet; tenzij je de verwijzing snapt. Wij streven naar toegankelijke kunst: dat mensen er foto’s van maken en die delen met hun vrienden.’ 

Dat gebeurt beslist als Floriadebezoekers straks over de Groene Loper naar het evenemententerrein wandelen. Dan gaat de slingerbank via de social media de hele wereld over. En dan weet iedereen dat het gewonnen Almere het tegenovergestelde is van het verloren Atlantis.