Poort naar de wildernis

In: Reportage | Editie:

Natuurfoto van een veld met bloemen, bomen en een afscheiding van boomstammen

Tekst:

Ten noordoosten van Almere ligt een schitterend natuurgebied. Het bezit een uitgestrektheid en woestenij die je in een klein, drukbevolkt land amper voor mogelijk houdt. Nieuw land, ooit bedoeld als industrieterrein, werd onstuitbaar teruggenomen door de natuur. In de komende jaren krijgt het gebied steeds meer waarde voor Almere. Daarom is er een complete toegangspoort gepland. De werktitel luidt Almeersepoort Oostvaardersplassen. Op deze plek
krijg je een groene blik in de toekomst.

Wie de film De Nieuwe Wildernis heeft gezien, kan zich nauwelijks voorstellen dat deze schitterende beelden in onze eigen achtertuin zijn gefilmd. En wie de film aan zich voorbij liet gaan, weet niet hoe prachtig hij is. Dat is natuurlijk in de eerste instantie de verdienste van de makers, maar beslist ook van het gebied waar de film werd opgenomen. En dan te bedenken dat de Oostvaardersplassen in den beginne waren bedoeld als industrieterrein en dat het bosgebied dat de plassen van Almere scheidt, het tracé was van de snelweg die de A6 had moeten verbinden met de Markerwaardpolder, die er nooit kwam.

VOC-schepen voor anker

Lang geleden waren dit de diepere delen van de Zuiderzee – het Oostvaardersdiep – waar veel VOC-schepen voor anker gingen, als ze teveel diepgang hadden om helemaal tot in Amsterdam door te varen. Nadat dit gebied eind jaren zestig droog kwam te liggen, bleek het door de zanderige bodem weinig vruchtbaar en besloot men er een bouwbestemming voor industrie en kassen aan te hangen.

De natuur was iedereen te slim af

Maar al gauw toonde de natuur zich doortastender dan de prille Flevolandse ondernemers. Nog voordat de eerste bedrijven daar verrezen, nam een nieuwe wildernis bezit van het voormalige Oostvaardersdiep. Het uitgestrekte rietmoeras oefende een enorme aantrekkingskracht uit op vogels, waarvan een aantal soorten eerder al uit Nederland verdwenen was of hier niet eerder voorkwam. Oostvaardersplassen is inmiddels aangewezen als Natura2000-gebied en verdient met deze status de hoogste bescherming voor de bijzondere vogels, die afhankelijk zijn van dit ‘wetland’. Om de diversiteit te verhogen werden begin jaren tachtig de eerste grote grazers
uitgezet. Zij gingen de grauwe ganzen faciliteren, die na hun ruiperiode weer aansterken door het eten van eiwitrijk gras. Met hun begrazing van het jonge riet creëren de ganzen open plekken en poelen in het moeras. Zodoende maken ze dit gebied op hun beurt weer geschikt voor andere vogelsoorten. De grote grazers zorgen dat het grazige deel niet dichtgroeit met ruigte en struweel. En daarmee blijft dit deel van de Oostvaardersplassen geschikt voor de begrazing van ganzen.

Meer ruimte

Het gebied geniet inmiddels landelijke en zelfs internationale faam. In feite is het een deel van een groter natuurgebied. ls het aan de Provincie Flevoland ligt moet het, samen met Markermeer, Lepelaarplassen en Marker Wadden, een officieel erkend nationaal park gaan vormen. Een aanvraag daartoe ligt inmiddels op tafel en wordt naar verwachting nog dit jaar gehonoreerd. Zo’n status heeft veel voordelen. Het levert meer nationale en internationale bekendheid op, stelt de bescherming van natuurwaarden veilig en biedt tegelijkertijd meer ruimte voor recreatie en toerisme. En daar hebben de omliggende gemeenten weer baat bij: het wordt aantrekkelijker om er te gaan wonen én het levert werkgelegenheid op.

Reikhalzend

Het ligt voor de hand dat de gemeente Almere reikhalzend uitkijkt naar dit nieuwe nationale park en bepaald niet stilzit in de aanloop er naartoe. Een korte blik op de kaart is voldoende om te zien dat onze stad tegen de Oostvaardersplassen aan schurkt. Dit tracé van de nooit gerealiseerde snelweg krijgt de komende jaren een geheel nieuwe bestemming. Aan de noordoostkant van de stad – ruwweg vanaf het Markermeer bij de Blocq van Kuffeler via kassentuinbouwgebied Buitenvaart en het Oostvaardersbos tot het Kotterbos – komt een gebied met de voorlopige naam Almeersepoort Oostvaardersplassen. Voorlopig, want met het stadsdeel Poort heeft het gebied niets van doen. Het gaat een soort toegangspoort vormen naar het natuurgebied. Om dat te bereiken heeft de gemeente Almere, samen met Staatsbosbeheer en Stad & Natuur Almere een uitgebreid stappenplan opgesteld.

Dagelijks uitje

Op dit moment is het nog een bosgebied met voornamelijk populieren en het vormt voor menige wandelaar dé plek voor het dagelijkse uitje. De bomen die aan het einde van hun levenscyclus zijn, worden nu vervangen en dat is nog maar het begin van de ontwikkeling naar een meer divers en aantrekkelijker bos voor mens en dier. Het betreft een gebied van zo’n 650 hectare en behalve nieuwe vegetatie krijgt Almeersepoort Oostvaardersplassen ook tal van voorzieningen om het bos – en ook het natuurpark erachter – nog aantrekkelijker te maken. Die komen niet in plaats van, maar naast de al bestaande accommodaties, zoals het NBC (Natuurbelevingcentrum, zie kader). Het planten van nieuwe bomen is het eerste begin, volgend jaar gaat men aan de slag met graafmachines, en zullen nieuwe waterpartijen en wallen hun vorm krijgen. De eerste focus bij deze werkzaamheden ligt op het stuk bos tussen de kassen en het Natuurbelevingscentrum. Dat is nu al de plek waar de meeste bezoekers komen, dankzij de parkeergelegenheid en alle faciliteiten van het NBC.

Adembenemend mooi

Bij het bedenken van de voorzieningen gaat de gemeente Almere bijzonder creatief te werk. Afgezien van parkeerruimte, met ook mogelijkheden voor bijvoorbeeld pop-up horeca, komen er heuvels, uitkijktorens en zelfs een boardwalk: een soort steiger waarop je, wandelend door het riet, de vogels van dichtbij kunt ervaren en je een adembenemend mooi uitzicht over het natuurpark geserveerd krijgt. Om te voorkomen dat de natuur door al te enthousiaste bezoekers wordt verstoord, blijft de kern van het gebied – Natura-2000 – verboden terrein voor individuele bezoekers. Wie daar toch wat dichterbij wil komen, wordt echter niet teleurgesteld. Elektrische, dus stille en schone excursiewagentjes, zullen er straks doorheen zoemen. Uiteraard altijd mét een deskundige boswachter van Staatsbosbeheer, die niet alleen al je vragen graag beantwoordt, maar vooral ook precies de plekken kent, waar je de dieren het beste kunt zien. Het project Almeersepoort is een lange-termijnplan, dat tot en met 2021 loopt: niet geheel toevallig het jaar vóór de Floriade, die ‘Growing Green’ als thema hanteert. Dat motto sluit ook naadloos aan op project Almeersepoort. Dat de twee fenomenen aan elkaar verbonden worden, ligt voor de hand.

The big 5 van de Oostvaardersplassen

Iedereen die ooit op safari was in Afrika, kent het begrip ‘the big 5’. Dat zijn de vijf wilde dieren die je op dan continent gezien móet hebben: leeuw, olifant, buffel, luipaard en neushoorn. De Oostvaardersplassen kennen hun eigen kroonjuwelen, hun eigen Big 5: het koninkpaard, het Heckrund, het edelhert, de vos en de bever. De konink (afgeleid van kon, het Poolse woord voor paard), is een klein wild paard uit Oost-Europa. Het Heckrund kwam tevoorschijn na een poging, in de jaren dertig, om via fok een ras te kweken met zoveel mogelijk eigenschappen van het uitgestorven oerrund. Het edelhert is een grote hertsoort en moet binnen Europa qua grootte alleen de eland boven zich dulden. De vierde van de vijf is de vos – er lopen er een stuk op 50 rond in de Oostvaardersplassen – en tenslotte tref je er de bever aan: in de Lage Vaart, en oprukkend naar alle stromende wateren in het poortgebied. Daarnaast is er een rijk vogelleven, waar het in het Nationaal Park eb ub de Oostvaardersplassen om te doen is.

Ze staan er gekleurd op

Almeersepoort is overigens niet de enige toegangspoort naar de Oostvaardersplassen. Ook aan de noordoostkant, in Lelystad, staat een vergelijkbaar project op stapel. Vergelijkbaar, maar niet gelijk. De betrokken gemeenten en de provincie Flevoland hebben samen een ontwikkelingsvisie opgesteld, waarin verschillende doelgroepen zijn gedefinieerd. Die groepen kregen voor de helderheid elk een kleurcode mee. De diverse toegangspoorten worden met het oog op voorzieningen en inrichting toegespitst op bepaalde soorten bezoekers. Zo is de Almeerse kant straks met name aantrekkelijk voor het ‘blauwe’ en ‘gele’ publiek. Blauw staat in dit geval voor de toerist die luxe hoog in het vaandel heeft staan, en die gelukkig wordt van een klaarstaande elektrische fiets, een gerieflijk verblijf en top of the line gastronomie. De gele doelgroep staat min of meer aan de andere kant van dat spectrum: het zijn veelal gezinnen, niet bang voor vieze voeten of een volle bus, die graag met de hele familie een leuke, ongecompliceerde dag beleven.

Ander verhaal…

De Lelystadse kant krijgt met ‘rood’ en ‘groen’ een heel ander publiek. De roden zijn de zogenaamde thrillseekers. Mensen die graag avontuurlijk sporten in de natuur: mountainbikers, kanoërs, bushcrafters (geen paintballers), kajakkers, etc . Het etiket groen zegt eigenlijk alles al. Dat zijn de meer puristische natuurliefhebbers. Rustzoekers, vogelspotters. Vaak (maar natuurlijk niet per se) ook een tikkeltje ouder. Maar natuurlijk zijn ook toeristen niet zo simpel in hokjes te duwen, waardoor er veel overlap is. En heel zwart/wit moeten we de verschillen tussen de Almeerse en Lelystadse kant ook weer niet zien, zeker met het oog op de toekomst. Waar bijvoorbeeld kajakkers nu nog veel beter aan hun trekken komen bij Lelystad, wordt dat een heel ander verhaal als straks delen van de Lepelaarsplassen en het Vaartbos bij Almeersepoort worden getrokken.

Dagelijk

Allemaal voorzieningen en perspectieven die Almere alsmaar aantrekkelijker maken, niet alleen voor de mensen die er wonen, maar ook voor de talloze bezoekers van de regio. Door dat alles kan de stad steeds verder groeien en floreren, en wordt het toekomstige nationale park een zegen met een brede impact: het ecosysteem vaart er wel bij, maar ook de mens en de economie. Een dermate uniek natuurgebied, zó dicht bij een grote stad, is werkelijk uniek.

Voorproefje

Terwijl project Almeersepoort nog in de kinderschoenen staat, kun je in en rond natuurbelevingcentrum De Oostvaarders alvast een voorproefje nemen. Het gebied is nú al buitengewoon aantrekkelijk en krijgt door de inspanningen een bijzondere vernieuwde natuurbeleving. In het infocentrum staan medewerkers van Stad en Natuur en Staatsbosbeheer klaar om je van harte welkom te heten, je alles te vertellen over de activiteiten en je mee te nemen op één van de vele excursies door het gebied. Vanachter de grote glazen wand heb je bovendien een schitterend uitzicht over de Oostvaardersplassen. En omdat frisse lucht nu eenmaal hongerig maakt, kun je na je natuurbeleving aanschuiven in Gasterij de Oostvaarders: een restaurant waar – hoe kan het anders – natuurlijke producten centraal staan.

Meer info vind je op www.stadennatuur.nl en www.staatsbosbeheer.nl/Natuurgebieden/stadsbossen-almere